Geschiedenis Joods Deventer

Jitsgok ben Jangakauf, Bar-Mitswo  

(met dank aan Anne van der Meer van het Stadsarchief)

voorkant cohenkleinDit boekwerkje is het debuut van bibliothecaris en schrijver Josef Cohen. Hij publiceerde het in 1905 onder het pseudoniem Jitsgok ben Jangakauf, oftewel Izak, zoon van Jacob. Centraal staan in Bar-Mitswo de seksuele ontdekkingen van een 13-jarig jongetje. Het boekje is zeer zeldzaam. Josef Cohen verklaarde dat zelf als volgt: 'Iemand, ik vermoed wel wie, heeft alle exemplaren opgekocht en laten verbranden. Waarschijnlijk vond men de vroegrijpheid van auteur en hoofdpersoon te stotend'.
De volledige tekst van het boekje kunt u hier in zien (website: Stads Archief Deventer SAB).

 


Josef Cohen (1886-1965)

Een traditioneel joods gezin
Josef Cohen werd geboren op 2 januari 1886 in Deventer. Zijn ouders, Hartog Cohen en Rebecca van Essen, hadden al twee kinderen, David en Izaak. Er kwamen na de geboorte van Josef nog drie bij, Jacob, Rudolf en Liene. Josef Cohens vader had een meubelzaak in Deventer (nu Aalpoel en Schouten). Josef kreeg een traditioneel joodse opvoeding, maar terwijl zijn vader en broers een vooraanstaande plaats in de joodse gemeente innamen, begon hij zich in zijn jeugd al te verzetten tegen de strenge regels van de godsdienst.

Journalist en letterkundige
In 1904 behaalde hij zijn eindexamen aan de HBS met een 9 voor Nederlands. Terwijl medeleerlingen veearts of scheikundig ingenieur werden, staat er achter zijn eindcijfers: 'Journalist. Letterkundige'. Na zijn eindexamen werd hij journalist bij De Telegraaf in Amsterdam. In deze jaren publiceerde hij zijn debuutroman Bar-mitswo (1905) onder het pseudoniem 'Jitsgok ben Jangakauf', uitgegeven door boekhandelaar G.J. Lankkamp uit Deventer. Onderwerp waren de gedachten van een dertienjarig jongetje Levi, die de vooravond van zijn Bar-mitswo verstoord ziet worden door de seksuele escapades van zijn ruwe broer Salomon en zijn rondborstige tante Rebekke. Vanwege dit onderwerp heeft waarschijnlijk een van zijn oudere broers de hele oplage opgekocht en laten verbranden; toch zijn er nog twee exemplaren bekend waarvan een in Stadsarchief en Athenaeumbibliotheek in Deventer.

Bibliothecaris in Groningen
In 1914, op 28-jarige leeftijd, verhuisde Cohen naar Groningen om daar directeur te worden van de openbare bibliotheek. In Groningen had Cohen grote invloed op het literaire leven. Hij bezocht bijeenkomsten van de expressionistische kunstenaarsgroep 'De Ploeg' en ging veel om met collega-auteurs in en buiten de stad. Toch maakte Cohen nooit echt deel uit van 'De Ploeg' of een andere groepering. Dit was een bewuste keuze, omdat Cohen zich door niemand de wet liet voorschrijven. Ook in zijn huwelijk met Corry van Hamersveld niet, blijkt uit zijn vele buitenechtelijke avontuurtjes.

josef cohen met sigaarWOII
Zijn leven nam een nieuwe wending na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Op 23 december 1940 werd Cohen uit zijn functie als directeur gezet, in eerste instantie met behoud van salaris, maar later niet meer. Als gemengd gehuwde liep hij minder gevaar, maar in 1944 werd hij opgeroepen voor een werkkamp in Havelte. Na zijn ontsnapping dook hij onder in Groningen. Zo overleefde Cohen, maar de oorlog liet diepe sporen achter. Zijn oudste broer David mocht geen functie meer vervullen in de Joodse gemeenschap, omdat hij tijdens de oorlog het voorzitterschap van de Joodse Raad op zich had genomen. De drie overige broers, twee schoonzusters en een aantal andere familieleden waren in de kampen omgekomen.

Een rotgeschiedenis
De grootste klap voor Cohen volgde na zijn terugkeer bij de bibliotheek van Groningen. Tijdens de oorlog was hij vervangen door de hoofdassistente. Het bestuur van de bibliotheek Groningen was niet bereid haar de functie weer te ontnemen en Cohen in zijn positie te herstellen. De situatie escaleerde in een ruzie. De schandelijke behandeling die volgde, trof hem diep. Achteraf sprak hij van een rotgeschiedenis. Uiteindelijk werd hij aangesteld als bibliograaf. Op 2 januari 1951 ging hij met pensioen.

Schrijver
Tijdens zijn leven heeft hij tal van boeken gepubliceerd: moderne en historische romans, gedichten, korte verhalen, schoolboeken, sprookjesboeken, toneelstukken, hoorspelen en artikelen in tijdschriften. Cohen schreef een van de vroegste Nederlandse detectives: De moord in het dennenbosch (1926). In 1954 ontving hij van de gemeente Groningen de Hendrik de Vriesprijs. Josef Cohen overleed aan een hartaanval op 12 juli 1965 in Groningen.

Bronnen
Sijens, D., Josef Cohen, literator en bibliothecaris (Groningen 1987).
Webbink, D., 'Jitsgok ben Jangakauf en Anne Frank', in: Van de Bovenste plank: Twintig jaar bijzondere aanwinsten Athenaeumbibliotheek 1985-2005 (Deventer 2005), p. 108-109.

Ontwerp en realisatie website: Sitestorm